Vragen Vestering over hoe we een wereld van verschil kunnen maken voor de 645.000 geiten in de Neder­landse geiten­hou­derij


Indiendatum: 4 okt. 2022

Vragen van het lid Vestering (Partij voor de Dieren) aan de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit over hoe we een wereld van verschil kunnen maken voor de 645.000 geiten in de Nederlandse geitenhouderij

1. Wat ging er door u heen toen u hoorde dat er op dit moment bijna 645.000 geiten opgesloten zitten in Nederlandse stallen?

2. Is het u opgevallen dat geiten in Nederland vaak met duizenden soortgenoten op elkaar gepropt opgesloten zitten in dichte stallen, zonder de mogelijkheid om te klimmen of klauteren?

3. Wat dacht u toen u hoorde dat jaarlijks 219.000 geiten worden geslacht in de Nederlandse slachthuizen?

4. Wat vindt u er van dat er al jaren steeds meer geiten worden gefokt en gebruikt voor de productie van geitenkaas en -zuivel, terwijl de geitenbokjes steeds meerlijken te worden gezien als ‘waardeloos’ bijproduct, aangezien de geiten geen melk produceren zonder eerst te moeten bevallen van een lammetje, waardoor vorig jaar nog 1.829 geitenlammetjes binnen zeven dagen na hun geboorte werden afgevoerd naar het slachthuis?

5. Zou u het gemiddelde geitenbedrijf met 1.200 geiten nog een boerderij noemen of een industrie?

6. Wist u dat geiten intelligente dieren zijn, met een goed langetermijn geheugen en niet alleen onderling, maar ook met andere diersoorten communiceren?

7. Denkt u dat geiten, als ze mochten kiezen, zouden kiezen voor een leven in de Nederlandse veehouderij?

8. Wat gaat u voor al deze dieren doen, als nieuwe minister van landbouw, waarin u expliciet de verantwoordelijkheid draagt voor dierenwelzijn en diergezondheid?

9. Bent u bereid om bij ieder besluit die u neemt de belangen van deze dieren zorgvuldig af te wegen en te verantwoorden, waarbij u rekening houdt met de in de Wet Dieren opgenomen en erkende intrinsieke waarde van dieren en de vele beloften die door uw voorgangers zijn gedaan?

Indiendatum: 4 okt. 2022
Antwoorddatum: 10 nov. 2022

1
Wat ging er door u heen toen u hoorde dat er op dit moment bijna 645.000 geiten opgesloten zitten in Nederlandse stallen?

Antwoord

Ik vind dat dieren meer zijn dan een object of eigendom, het zijn levende wezens met een eigen waarde, los van de (gebruiks)waarde die de mens er aan toekent. Deze intrinsieke waarde van dieren is vastgelegd in de Wet dieren en vormt dan ook het uitgangspunt van mijn beleid. We dienen met respect met ze om te gaan, ze goed te behandelen en goede huisvesting en verzorging te bieden, van fok tot slacht.

Opinies over wat een goede en verantwoorde manier is om met dieren om te gaan en waarvoor of waarom dieren gehouden mogen worden verschillen. In Nederland en Europa hebben we afgesproken dat dieren gehouden mogen worden voor productie. In de afgelopen decennia is mede op basis van maatschappelijke en politiek opvattingen over het omgaan met dieren en op basis van beschikbare wetenschappelijke kennis, een regelgevend kader tot stand gekomen. De (Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) ziet toe op de naleving daarvan. Maar het denken over dieren verandert en er komt steeds meer wetenschappelijke kennis beschikbaar over gedrag, emoties, welzijn en gezondheid van dieren. Dat leidt tot een politieke en maatschappelijke wens om nog eens goed te kijken naar hoe we dieren mogen houden. En dat wordt ook gedaan, denk hierbij aan de herziening van de EU-regelgeving op dierenwelzijn en het convenant ‘dierwaardige veehouderij’. Daarnaast hebben veehouders afgelopen jaren, samen met dierenwelzijnsorganisaties, al stevige stappen gezet richting beter dierenwelzijn.

2
Is het u opgevallen dat geiten in Nederland vaak met duizenden soortgenoten op elkaar gepropt opgesloten zitten in dichte stallen, zonder de mogelijkheid om te klimmen of klauteren?

Antwoord

Geitenstallen moeten voldoen aan de wettelijke vereisten. Hierop wordt gecontroleerd door de NVWA. Melkgeitenhouders die melk leveren aan een bij de Nederlandse Geiten Zuivel Organisatie (NGZO) aangesloten melkverwerker zijn daarnaast gehouden aan de eisen uit het ketenkwaliteitssysteem KwaliGeit, waaronder eisen aan inrichting van de huisvesting. Het bieden van de mogelijkheid tot klimmen en klauteren is geen wettelijke eis en ook geen eis vanuit KwaliGeit. Momenteel wordt in opdracht van mijn ministerie onderzoek uitgevoerd naar een duurzame melkgeitenstal voor de toekomst, waarbij de behoefte van het dier een belangrijke rol speelt. Ook in het kader van het Convenant dierwaardige veehouderij wordt hier volop aandacht aan gegeven.

3
Wat dacht u toen u hoorde dat jaarlijks 219.000 geiten worden geslacht in de Nederlandse slachthuizen?

Antwoord

Zie het antwoord op vraag 1.

4
Wat vindt u ervan dat er al jaren steeds meer geiten worden gefokt en gebruikt voor de productie van geitenkaas en -zuivel, terwijl de geitenbokjes steeds meer lijken te worden gezien als ‘waardeloos’ bijproduct, aangezien de geiten geen melk produceren zonder eerst te moeten bevallen van een lammetje, waardoor vorig jaar nog 1.829 geitenlammetjes binnen zeven dagen na hun geboorte werden afgevoerd naar het slachthuis?

Antwoord

Door een groeiende vraag naar geitenzuivel is het aantal melkgeiten in de afgelopen twintig jaar fors gestegen. Met deze groei is ook het aantal geitenbokjes dat jaarlijks geboren wordt toegenomen. Begin 2017 kwamen beelden en berichten naar buiten over slechte verzorging van en hoge sterftecijfers onder geitenbokjes. Sindsdien werkt de sector, in nauwe afstemming met mijn ministerie, aan structurele verbetering van de gezondheid en het welzijn van geitenbokjes. Daarnaast wordt door middel van duurmelken het aantal lammeren beperkt. Vanaf 1 januari 2023 zijn melkgeitenhouders verplicht om minimaal een bepaald percentage van de geboren bokjes in een kalenderjaar groot te (laten) brengen totdat ze geschikt zijn voor humane consumptie (tot een leeftijd van minimaal 14 dagen). In 2023 bedraagt dit minimale percentage 25%, in 2024 groeit dit door naar minimaal 50% en vanaf 2025 moeten alle bokjes op deze wijze grootgebracht worden. Deze verplichting wordt opgenomen in het ketenkwaliteitssysteem KwaliGeit en geldt daarmee voor iedere melkgeitenhouder die melk levert aan een bij de Nederlandse Geiten Zuivel Organisatie (NGZO) aangesloten melkverwerker. Ik zal de sector blijven aansporen om de gezondheid en het welzijn van alle geiten – niet alleen de bokjes – te verbeteren.

5
Zou u het gemiddelde geitenbedrijf met 1.200 geiten nog een boerderij noemen of een industrie?

Antwoord

Ik zou een bedrijf van een dergelijke omvang een groot veehouderijbedrijf noemen. Ongeacht de omvang van het bedrijf dient de houder goed voor zijn dieren te zorgen en zich te houden aan de voor het bedrijf relevante wetgeving

6
Wist u dat geiten intelligente dieren zijn, met een goed langetermijngeheugen en niet alleen onderling, maar ook met andere diersoorten communiceren?

Antwoord

Er is veel bekend over gedrag en gedragsbehoeftes van geiten. Momenteel laat ik mede naar aanleiding van de motie Van der Plas c.s. (Kamerstuk 28286, nr. 1192) in de wetenschappelijke kennis in kaart brengen van gedragsbehoeftes van verschillende landbouwhuisdieren.

7
Denkt u dat geiten, als ze mochten kiezen, zouden kiezen voor een leven in de Nederlandse veehouderij?

Antwoord

Geiten zullen een stal en houderij prefereren waarin ze hun gedragsbehoeftes kunnen uiten.

8
Wat gaat u voor al deze dieren doen, als nieuwe minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, waarin u expliciet de verantwoordelijkheid draagt voor dierenwelzijn en diergezondheid?

Antwoord

Naast het (NVWA-)toezicht op naleving van de normen in de regelgeving op het gebied van dierenwelzijn en diergezondheid, zal ik mij met name inzetten op het volgende:

- Het bevorderen van de ontwikkeling naar een dierwaardige veehouderij, zoals benoemd in het Coalitieakkoord.

- Inzet op verbreding en versterken van de Europese dierenwelzijnsregelgeving. Nederland heeft vorig jaar samen met de zogenaamde Vughtgroeplanden een position paperopgesteld, als input voor het traject van de herziening van de EU dierenwelzijnsregelgeving (Kamerbrief 2105-32, nr. 1345).

9
Bent u bereid om bij ieder besluit dat u neemt de belangen van deze dieren zorgvuldig af te wegen en te verantwoorden, waarbij u rekening houdt met de in de Wet dieren opgenomen en erkende intrinsieke waarde van dieren en de vele beloften die door uw voorgangers zijn gedaan?

Antwoord

Ja, op grond van de Wet dieren dient de overheid bij het stellen van regels bij of krachtens de wet en bij het nemen van op die regels gebaseerde besluiten het belang van het dier expliciet mee te wegen, onverminderd andere gerechtvaardigde belangen. Ik betrek daarbij ook beloftes van mijn voorgangers voor zover deze passend zijn binnen het huidige kabinetsbeleid