Dieren komen er bekaaid van af in Utrechts coalitieakkoord

Het Utrechtse coalitieakkoord “Ruimte voor Iedereen”, dat vandaag gepresenteerd werd door GroenLinks, D66 en ChristenUnie, biedt nauwelijks aandacht aan de dieren die in Utrecht leven. Het akkoord biedt geen nieuwe perspectieven voor een beter dierenwelzijn in de stad. Ondertussen zetten de drie coalitiepartijen wel in op de groei van de stad, waardoor de vraag rijst of er op termijn nog wel echt ruimte is voor mens en dier in Utrecht.

De nieuwe coalitie benoemt klimaatverandering tot een groot probleem en neemt maatregelen om de CO2-uitstoot te verminderen. In het akkoord wordt bijvoorbeeld concreet gesteld dat een uitgebreide milieuzone vanaf 2030 alleen emissievrij verkeer in de binnenstad toestaat. “Als Partij voor de Dieren zien we veel stappen in de goede richting. Klimaatverandering is dan ook een enorm en urgent probleem. We vinden het wel jammer dat veel ambities in de toekomst liggen, en dat er geen concrete en afrekenbare tussenstappen gezet worden”, aldus Eva van Esch, fractievoorzitter van de Partij voor de Dieren.

Van Esch ziet een aantal gemiste kansen: “Het collegeakkoord biedt bijvoorbeeld geen aandacht aan onze consumptie en eetpatronen, terwijl we weten dat het eten van dierlijke eiwitten bijdraagt aan klimaatverandering”. Het college zegt te gaan investeren in groene en blauwe verbindingen, waardoor dieren meer ruimte krijgen. “Maar eigenlijk is dat eigenlijk al staand beleid, we hebben die structuren namelijk al, waarbij we ook nog eens zien dat die verbindingen onder druk staan door nieuwbouw. En daarmee wil het nieuwe college alleen maar mee doorgaan”, aldus Eva van Esch van de Partij voor de Dieren.

Groei
Op de groei van de stad wordt door de coalitiepartijen geen rem gezet. Groei van de stad is geen doel op zich, wordt gesteld, maar maatregelen om de groei af te remmen, ontbreken, Sterker nog: evenementen en festivals blijven welkom op grote schaal, internationale sportevenementen, zoals de Vuelta, worden naar de stad gehaald en er blijft gewerkt worden aan het vestigen van meer bedrijven. “Inzetten op groei betekent ook dat er veel nieuwe problemen ontstaan. We hadden dit liever anders gezien”, aldus Van Esch.