Voorjaarsnota 2017: festivalisering van Utrecht

Voorjaarsnota 2017: festivalisering van Utrecht

Voorzitter, ik wil het vandaag voor de verandering weer eens hebben over de festivalisering van Utrecht. Begin juli spreken we in de commissie S&R over de impact van evenementen op hun omgeving, dus daar ga ik vandaag maar kort op in. Ik wil het vandaag hebben over:

  1. Verduurzaming van festivals en
  2. Evaluatie van het beleid.

Verduurzaming van festivals beperkt de impact van festivalisering op de directe en indirecte omgeving. Een goede en noodzakelijke ontwikkeling. We zijn dan ook blij dat de gemeente hier zo ambitieus op in zet. Maatregelen om te verduurzamen kosten festivals echter geld. Ik wil een onderscheid maken tussen de grotere commerciëlere festivals die deze investering zelf kunnen doen, en kleinere, vaak van cultuursubsidie en vrijwilligers afhankelijke, culturele festivals waarbij alle investeringen ten koste gaan van hun culturele programma. De Partij voor de Dieren wil voorstellen om die festivals hierbij te ondersteunen vanuit het programma Economie en Marketing.

 

Kosten verduurzaming voor festivalorganisatoren

Daarnaast geldt voor zowel de commerciële als de gesubsidieerde festivals dat zij pas kunnen verduurzamen als de hen daarvoor de voorzieningen geboden worden. Wat betreft het aanleggen van groene stroompunten die het gebruik van smerige dieselaggregaten overbodig maken is de gemeente op weg. Echter worden de kosten voor gebruik en onderhoud van deze punten dusdanig fors doorberekend aan de gebruikers dat het financieel heel veel gunstiger  voor hen is om toch nog te kiezen voor aggregaten. Daarmee worden organisaties die duurzame keuzes willen maken afgestraft en dat lijkt ons niet de bedoeling.

Nog zo’n voorbeeld: organisaties die het afval van henzelf en hun bezoekers gescheiden willen inzamelen en aanbieden, zodat zoveel mogelijk grondstoffen hergebruikt kunnen worden, betalen hiervoor het viervoudige ten opzichte van organisaties die al het afval aanbieden in 1 container die bij het restafval beland.

Duurzame keuzes kosten dus geld voor de organisatie, terwijl wij allemaal profiteren van een duurzamere stad en toekomst. Daarom vinden wij het eerlijk die organisaties op een ander punt tegemoet te komen.

Het stimuleren van evenementen valt in het programma Economie en Marketing, ziet de verantwoordelijk wethouder hier dan ook mogelijkheden om verduurzaming van evenementen nog veel meer onderdeel van dit programma te maken en met name de kleinere festivals te helpen?

Dat kan bijvoorbeeld door bij het berekenen van de leges die betaald worden voor het organiseren van een evenement rekening te houden met duurzaamheidscriteria. Niet per se “de vervuiler betaalt”, maar omgekeerd: “wie schone keuzes maakt betaalt minder”. 

Wat voor mogelijkheden ziet de wethouder om kleinschalige duurzame festivals tegemoet te komen? En om het te  verduidelijken: hoe kunnen we er met elkaar voor zorgen dat festivals wel kiezen voor gescheiden afval, groene stroom en wie weet nog meer maatregelen op bijvoorbeeld transport en inkoop.

Evaluatie evenementenbeleid

Vorig jaar spraken we al over evaluatie van het evenementenbeleid. Het aantal evenementen lijkt alleen maar toe te nemen, dat zien we ook als indicator in de jaarstukken 2016. Maar tegelijkertijd neemt de weerstand in de stad ook toe, maar daar is dan weer geen effectindicator over opgenomen.

Over evenementen kan en moet beter met de omgeving gecommuniceerd en afgestemd worden. Als we Utrecht samen maken, dan ook samen met mensen die níet altijd een feestje willen of niet willen dat de stad een vuilnisbelt wordt. Utrecht heeft een evenementenbeleid, vastgelegd in de Evenementennota “...‘t Bruis an alle kant...”  uit 2009. Dit beleid is in 2013 kort geëvalueerd. Om de vier jaar een evaluatie is wel op zijn plaats. Zeker omdat voornemens en wensen uit deze documenten niet altijd worden gepraktiseerd. Ook strookt een aantal uitgangspunten uit de nota, bijvoorbeeld het publiceren van aanvragen voor evenementenvergunningen, niet met andere gemeentelijke regelgeving zoals de APV. Dat kan natuurlijk niet.

Een half jaar geleden sprak de wethouder in de commissie M&S over de evaluatie van het evenementenbeleid die dit jaar zou plaatsvinden. “De vraag van de Partij voor de dieren is nu: hoe staat het met die evaluatie?  En welke aspecten van duurzaamheid worden hierin meegenomen?

De wethouder zei specifiek dat hij in die evaluatie ook de tarieven voor leges van evenementen zou meenemen. Aanhakend op mijn vorige punt over de kosten daarom de vraag: Is de wethouder bereid om bij deze evaluatie ook de mogelijkheden voor verduurzaming van de legesverordening op dit punt mee te nemen, door vergelijkbaar met de leges voor bouwvergunningen, duurzame en omgevingsbewuste plannen tegemoet te komen?

Stationsgebied

Voorzitter, hiermee ben ik aan het eind van mijn betoog. Gezien de uitgesproken mening van de Partij voor de Dieren over de ontwikkelingen in het stationsgebied had u daar misschien ook een inbreng op verwacht, maar dat sparen we even op totdat we binnenkort de structuurvisie tweede fase bespreken.